Onze actie

Februari 2011

Graag schets ik voor jullie hoe het vandaag is met de weeskinderen van 'The Good Samaritan Orphanage'. Ondertussen is het weeshuis trouwens omgedoopt in Nyamekye Childrens Home, want Charity Nyamekye is de oprichtster en directrice van het weeshuis. Zelf ben ik er niet meer geweest sinds september 2009, maar ik hoop in de nabije toekomst nog eens naar Ghana te zullen gaan. Dit verslag kan ik opstellen dankzij Eveline Dürr en Mia Svare. Zij zijn twee vrijwilligsters die samen met mij in de zomer van 2007 in het weeshuis hebben gewerkt en het ook financieel steunen. In december 2010 zijn zij teruggekeerd naar Nyamekye Childrens Home en ik baseer mij dan ook op hun ervaringen en foto's.

Ondertussen zijn er al veel meer kinderen in het weeshuis. Destijds waren ze met 18, maar nu zijn er meer dan 70 kinderen. Dit is vrij veel en waarschijnlijk zelfs te veel, dus wij hopen dat meer families in Ghana meer zelf hun verantwoordelijkheid zullen opnemen. Een betere oplossing is immers dat de kinderen door naaste familieleden worden opgevangen.

Omwille van het aantal kinderen, heeft Charity uiteraard veel hulp nodig. Zeker als men weet dat de meeste kinderen jonger zijn dan 10 jaar en dat er ook veel baby's in het weeshuis zijn. Naast de vrijwilligers en een aantal familieleden van Charity worden er leerkrachten en werksters (om te koken, te wassen...) betaald door een aantal vrijwilligers die nog gewerkt hebben in het weeshuis. Wij betalen maandelijks drie leerkrachten.

Er zijn natuurlijk een aantal dingen veranderd sinds ik de laatste keer in Ghana ben geweest. Zo is het domein van het weeshuis nu volledig omheind. Ik was daar niet onmiddellijk een voorstander van omdat het nogal een gesloten zicht geeft aan het weeshuis, maar qua veiligheid is het wel beter (het weeshuis grenst immers aan de baan die door het dorp Akwakwaa loopt). Ook hebben de kinderen nu een klein "speeltuintje". Verder is er nog een extra klasje gebouwd.

De belangrijkste evolutie van het weeshuis blijft natuurlijk dat aan de kinderen nu de kans wordt gegeven om kind te zijn en te spelen. Tegelijk krijgen ze ook degelijk onderwijs, zodat ze een betere toekomst tegemoet gaan. Wij hopen hen nog geruime tijd daarbij te kunnen steunen, zonder echter het weeshuis te afhankelijk te maken van externe steun.

Lieselot Verdonck

September 2009

Na het maandenlang koesteren van verlangens is het eindelijk weer zo ver: terug naar Ghana.
Op dinsdag 1 september vliegen Eline en ik terug naar hun favoriete land in West-Afrika om de evolutie van het weeshuis in Akwakwa op te volgen. Hieronder volgt ons verslag.

De eerste drie nachten brengen we door in Accra, de hoofdstad. We bezoeken een aantal bezienswaardigheden, waaronder Independence Square. Zo is de overgang van “luxe” naar Ghanese platteland niet te bruusk.

   

Vrijdag 4 september worden we door Seth en Tina (medewerkers van de vrijwilligersorganisatie SYTO) naar het weeshuis gbracht. Deze is ondertussen omgedoopt van ‘The Good Samaritan Orphanage’ in ‘Nyamekye Children’s Home’. Dit naar de achternaam van Charity, die ongeveer 4 jaar geleden het weeshuis heeft gesticht. Het terugzien is uiteraard emotioneel. Een klein jongetje komt aangelopen en onmiddellijk herkennen we de trekken van Kwame Jean (die destijds nog een baby was en genoemd is naar Jean Verdonck uit dank voor de watertanks). Hij is zo’n opgewekt kindje geworden! We installeren ons in één van de kamers van het huis, dat we voor twee jaar gehuurd hebben voor de vrijwilligers. We maken een beveiligd fort van onze bedden tegen alle insecten en wie weet wat nog meer.

De volgende dag gaan we ’s middags met Charity shoppen in Swedru. Het neemt veel tijd in beslag, want prijzen liggen niet vast en Charity is een harde onderhandelingstante. Uiteindelijk kopen we 10 emmers, 16 beddenlakens en 15 handdoeken.

   

Zondag wordt een rustigere dag. Winkels zijn gesloten en velen zijn naar de kerk. Ook in het weeshuis gaat een priester een misviering voor in één van de klasjes voor de kindjes. ’s Avonds vraagt hij ons of we 50 bijbels zouden kunnen kopen, opdat de kinderen goede mensen zouden worden. Wij zien er echter weinig nut in en weigeren in bedekte termen. We menen dat er eerst heel wat andere zaken nodig zijn. We kopen vandaag wel drie klokken en drie olielampjes bij een rondtrekkende verkoopster. De kindjes moeten leren het uur lezen, wat natuurlijk niet betekent dat ze er rekening mee zullen houden. Vrijwilligers spreken niet voor niets over ‘Ghanaian Time’, namelijk dat ze misschien wel een uur zeggen, maar dat het evengoed 3 uur eerder of later kan zijn. Olielampen zijn altijd handig. De overheid beslist immers vaak om gedurende een aantal uur de elektriciteit af te sluiten in bepaalde regio’s.

Maandagmorgen gaan we kippen kopen met Eric, een zoon van Charity die zelf twee zonen heeft (Albert en Prince) en wiens vrouw omgekomen is in het verkeer. Charity wil dat we 400 kippen kopen zodat het weeshuis dan een vorm van inkomen krijgt. Wij vinden dat overdreven. Ze zouden de kosten die ermee gepaard gaan niet kunnen dragen. We besluiten om er 50 te kopen. Ze hebben er bovendien al 30. Eén zak voedsel voor kuikens kost immers reeds 23 euro en gaat slechts één maand mee. Het heeft geen zin dingen te kopen die ze niet kunnen onderhouden. Hoewel zij daar zelf niet altijd een probleem in zien…

Nadat we een paar dagen in het weeshuis zijn, zien we beter hun noden. Zo merken we dat de baby’s steeds op de grond zitten om te eten. Dat is heel onhygiënisch. Ze zitten daar vaak op hun blote kont, doen er hun grote en kleine boodschappen, morsen er hun eten... Dit alles heeft uiteraard tot gevolg dat er tientallen vliegen zitten en het er regelmatig stinkt. We bestellen tien kinderstoelen bij de plaatselijke timmerman. Hij is een echte vakman en we kennen hem nog van vroeger: hij is diegene die de keuken (die ondertussen een klasje is geworden) en de stal heeft gemaakt. Na drie dagen is hij klaar. We zijn zeer tevreden. Kwasi kan er niet mee lachen, maar Richard lijkt geïnteresseerd.

Op donderdag 10 september gaan we samen met de leerkracht van klas 3 en 4 schoolboeken kopen voor de kindjes. Het gaat van Engels naar wiskunde en wetenschappen tot ‘environmental studies’. Dat laatste blijkt een soort vak te zijn, waarin men onder andere leert over de traditionele hiërarchie en de Chiefs. We kopen een tachtigtal boeken en ook nog potloden, krijtjes, balpennen, gommen, slijpers en latjes.

   

Het is een vermoeiend verblijf voor ons. Charity nodigt elke dag iemand uit die ons vertelt wat we echt wel moeten kopen voor het weeshuis. Sommige ideeën zijn gewoon onhaalbaar. Zo willen ze dat we een stuk grond huren om te bewerken en zo deels zelf in eten te voorzien en deels een inkomen te hebben. Probleem is dat het stuk grond twee dorpen verder is gelegen, dat ze twee mensen zouden moeten inhuren om het te verbouwen én dat ze dan nog al het materiaal en de gewassen moeten kopen. Een grote investering dus en zullen ze er überhaupt wel in slagen om het te onderhouden? Anderhalf jaar geleden hebben we 100 fruitbomen gekocht. Alle appelbomen hebben het overleefd, van de rest staan er hier en daar nog een paar recht. Oorzaak? Geen water geven… Voor ons is zoiets praktisch onverklaarbaar en onvergefelijk, maar je moet het uiteraard situeren in een Afrikaanse cultuur (inclusief armoede), waarbij het hier en nu de langetermijnvisie overstijgt. Ze willen per se iets hebben, maar staan niet stil bij het onderhoud en de mogelijke toekomstige rentabiliteit. Daarvoor hebben ze iemand nodig die hen daar voortdurend aan herinnert. Dit is deprimerend, maar toch kunnen we ons niet van de indruk ontdoen dat ze nu meer en meer beginnen te beseffen hoe ze het moeten doen. Ze hebben bijvoorbeeld zelf al heel wat casava geplant, een basisgewas voor een aantal traditionele Ghanese gerechten. Graag willen we jullie ook herinneren aan de schapen die we in februari 2008 kochten voor het weeshuis en de stal die we lieten bouwen. Een aantal schapen zijn gestorven, maar de andere stellen het goed en er zijn vier lammetjes op dit moment. Met kerstmis vorig jaar hebben ze twee schapen geslacht en opgegeten, een waar feestmaal voor de kinderen. Ook dit jaar zullen ze dat doen.

   

Verder betalen we nog altijd een leerkracht en een werkster en hopen dat nog zo lang mogelijk te doen. We hebben een gesprek gehad met Seth, die het geld beheert, en hij zou graag hebben dat we één leerkracht meer betalen. Dat lijkt ons een goed plan.

Op maandag 14 september vertrekken we weer naar Accra. De volgende dag hebben we immers onze vlucht naar huis. Voor ons vertrek krijgen we nog een blaadje van Charity met vijf puntjes die we in de toekomst zouden kunnen financieren. Eén is het huren van een stuk land om te bewerken (zie boven), een ander is bijvoorbeeld het volledig omheinen van het weeshuis, wat een verplichting is naar de regels van de sociale dienst van Ghana.

Ons verblijf is kort maar krachtig. We hebben zoveel mogelijk trachten te verwezenlijken in die tien dagen in het weeshuis en daarnaast hebben we van dichtbij de evolutie van het weeshuis mogen ervaren. Ik weet nog goed hoe ze twee jaar geleden aankwam in een weeshuis met 18 kinderen, zonder elektriciteit en stromend water en gebukt onder armoede. Nu krijgen de kinderen bijvoorbeeld steevast drie maaltijden per dag, wat vroeger allesbehalve de regel was. Verder valt het op dat de kinderen werkelijk gelukkig zijn.

Charity, de weeskinderen van Nyamekye Children’s Home en wij willen u graag nogmaals bedanken voor uw steun!
Lieselot Verdonck

 

April 2009

Het wordt wel eens tijd om jullie te informeren over wat er de laatste maanden nog allemaal is gebeurd in Akwaakwaa.

Ten eerste wens ik jullie graag mee te delen dat op dit moment alles goed gaat met het weeshuis. Uiteraard kunnen we niet ontkennen dat ook zij last ondervinden van de crisis. De voedselprijzen zijn gigantisch gestegen, waardoor we deze zomer eenmaal financieel hebben moeten bijspringen opdat ze voldoende te eten zouden hebben. Gelukkig kunnen ze ondertussen reeds ten dele zelf instaan voor hun voedsel dankzij de fruitbomen en de schapen. Binnenkort zouden we daar graag nog een aantal kippen aan willen toevoegen.

De leerkracht en helpster die zijn aangesteld door ons vorig jaar, zijn nog steeds aan het werk en worden betaald door onze tussenpersoon in Ghana, Seth, die een lid is van de vrijwilligers-organisatie SYTO. Daarbij zouden we graag vermelden dat diegenen die geïnteresseerd zijn om zelf eens een maand of langer van het vrijwilligerswerk in Ghana te proeven, altijd een kijkje kunnen nemen op de website van SYTO: www.sytoghana.net.

Een maand geleden hebben we geld overgeschreven om een huis te huren waar de vrijwilligers die werken in het weeshuis, kunnen overnachten. De plaats waar Lieselot destijds verbleef, was eigendom van de overheid en ze moesten dit pand verlaten. We hebben voor twee jaar een ander huis kunnen huren. Het weeshuis zelf zit nog altijd op haar stekje aan de rand van het dorp.

Verder kunnen we met veel vreugde melden dat Tina, het hoofd van SYTO, dit jaar weer een tour in Europa doet om over Ghana en haar NGO te vertellen en in november ook naar België zal komen voor een drietal dagen.

We sluiten af met een Paasberichtje aan Lieselot van Eric, de zoon van Charity die het weeshuis vier jaar geleden heeft opgericht:

“Hello my sister how are you today i miss a lot
i wish you a happy easter and you may liv long
I will never forget you”
(10/04/2009)

Wij danken jullie nogmaals voor jullie inzet en interesse voor ‘The Good Samaritan Orphanage” in naam van Charity, Eric, de weeskindjes en het dorp Akwaakwaa.

Maart 2008

Ghana 2-9 februari 2008 (verslag door Lieselot)

Ik heb mijn ouders, broer en zus zo’n mooie verhalen verteld over Ghana, dat ook zij zo vlug mogelijk zelf eens de Ghanese cultuur wilden opsnuiven. Daad werd bij het woord gevoegd en reeds begin februari 2008 vertrokken we naar Ghana, wat nog geen 5 maanden na mijn vertrek is.

Op zaterdag 2 februari om 21u30 landden we in Accra, de hoofdstad van Ghana. Het was toen donker dus veel was er niet te zien. Wel werden we reeds onmiddellijk geconfronteerd met één van de sporten van Ghana, waarin de verliezen vaak groot zijn: autorijden. De chauffeur van Tina (hoofd van Syto en onze contactpersoon in Ghana) reed twee maal door het rode licht, remde af en toe bruusk en hield niet van trage automobilisten.

De volgende morgen, zondag 3 februari, werden we reeds om 9u opgepikt door Kofi, die onze chauffeur zou zijn voor de rest van ons verblijf. Hij bracht ons in sneltempo naar het hotel in Swedru, dat een twintig tal minuutjes verwijderd is van Akwaakwaa, het dorpje waar het weeshuis gelegen is.

     

Het was onze bedoeling om ’s middags naar het weeshuis te gaan. Maar groot was de verrassing toen plots een bus aan het hotel stopte. Alle kindjes van het weeshuis stapten uit en zongen ‘ We want to thank you, madam Lieselot, for the water you brought us…’ Ons weerzien was intens. Er werd geknuffeld, gespeeld in het kinderbadje en heerlijke limonade en cola gedronken.

Op maandag 4 februari vertrokken we dan naar Akwaakwaa. Het was voor mij een heerlijk gevoel om te zien hoe het weeshuis erop vooruit was gegaan. Ondertussen hebben ze water en elektriciteit. Vooral het water is een hele stap vooruit, want na een gesprek met de vrijwilligers hoorden we hoe de kinderen reeds veel minder last hebben van maagklachten en diarree. Bovendien hebben ook een aantal kinderen op een ander vlak vooruitgang geboekt: ze zijn opgewekter, ze spelen meer, de jongsten proberen hun eerste stapjes te zetten… Charity verwelkomde ons hartelijk en samen met familieleden en dorpsgenoten gingen we in een kring onder de grote boom zitten om over de plannen voor het weeshuis te praten. Zo werd afgesproken dat er diezelfde week nog fruitbomen en schapen zouden worden gekocht.

Ik zag mijn grote lieveling, Kwasi, terug, Eline werd verliefd op Nana Yoo en Bert vond al gauw een aantal oudere jongens om mee te voetballen. De genadeloze zon zorgde voor voldoende zweet. Daarom besloten we in het plaatselijk cafeetje een verfrissing te gaan nemen. ’s Middags gingen we met Charity, Joseph (haar man), Eric (haar zoon) en twee timmermannen naar Swedru om hout en nagels te kopen om een omheining voor de schapen te bouwen. Het was een rit met elf personen in een busje voor zeven…

Dinsdagmorgen 5 februari gingen we dan naar een plantenkweker om fruitbomen te kopen. We kochten maar liefst meer dan 100 fruitbomen: sinaasappelen, papaja’s, avocado’s, mango’s… Daarna gingen we opnieuw naar het weeshuis, waar papa de planten voorlopig plantte zodat ze niet zouden sterven. Joseph zou ze dan definitief uitplanten.

     

’s Middags trokken we naar Kasoa om schapen te kopen. Wij moesten als blanken in het busje blijven zitten, aangezien de prijzen anders de hoogte in zouden schieten. Zo moesten we 1 uur wachten in een heet busje, leuk is anders. Maar het resultaat was bevredigend. We kochten 14 schapen en 2 geiten. De volgende dag had één van de schapen reeds gekalfd. Het transport van die schapen is trouwens nog een heel verhaal. Nadat wij hadden betaald, gingen wij terug naar het hotel, want het begon al laat te worden. Een vrijwilligster uit Zwitserland, Eveline, bleef bij Charity en Joseph om dan samen met het transport terug te keren naar het weeshuis. Uiteindelijk kwam het erop neer dat zij vanachter bij de schapen moest zitten, bovenop een diepvriezer…En de vrachtwagen had drie keer pech…

Woensdag 6 februari en donderdag 7 februari trokken we naar een hotel aan de kust om uit te rusten. We hebben er twee slavenforten bezocht, die een diepe indruk op ons hebben nagelaten. Maar ondertussen was Bert serieus ziek geworden.

Vrijdag 8 februari keerden we dan terug naar ons hotel in Swedru. Die avond was er immers het afscheidsfeestje van Eveline, die 6 maanden in het weeshuis heeft gewerkt. Bert, die allesbehalve beter werd, en mama konden er spijtig genoeg niet bij zijn. De weeskinderen zien dansen, brengt zeker emoties teweeg. Waarschijnlijk wordt gevoel voor ritme in Ghana meegegeven vanaf de geboorte.

Zaterdag 9 februari was het moment van afscheid. Toch was er ook die dag een unieke gebeurtenis. De chief wou me nog zien. Ik was immers in Akwaakwaa benoemd tot enkosohini, wat gelijkgesteld kan worden met schepen van cultuur en ontwikkeling. Dus trok ik erop uit in traditionele kledij, begeleid door papa. De vrouwen van het dorp liepen achter me en waaiden me toe met doeken. Bij de chief volgde een reeks speeches tot het moment van het ‘plengoffer’: een fles schnaps ging rond, iedereen moest eerst een slok drinken en vervolgens de rest van het glas op de grond uit gieten. Dan waren er nog onderhandelingen over de koop van een bijkomend stuk grond voor het weeshuis.

Uiteindelijk was er het pijnlijke afscheid, maar ook de belofte nog eens terug te keren…

Het was dus een drukke week, die echter meer dan de moeite waard was . Er zijn schapen en fruitbomen gekocht, er zijn twee krachten aanvaard (een leerkracht en een helpster) en er zijn onderhandelingen bezig over de aankoop van een bijkomend stuk grond. Bovendien hebben we nu ook kunnen zien hoe de kinderen water uit de kraan drinken, wat de belangrijkste stap vooruit is voor het weeshuis.

Het weeshuis is u eeuwig dankbaar!

November 2007

Op Zondag 11 november werd er een vergadering belegd om de verdere acties te bespreken. We hadden het genoegen dat mevr. Tina Augustina Duah van Syto hierbij aanwezig was.

Er werd besproken dat het weeshuis voornamelijk de kans moet krijgen om meer in de eigen behoeften te voorzien.

Hiervoor moeten ze kippen en schapen hebben en ook zelf groenten en fruit kweken. Er zal plantgoed worden gekocht om bonen te kweken, aangezien bonen in Ghana een heel belangrijke voedingsbron zijn voor kinderen die te weinig vlees eten. Er worden eveneens kippen en schapen aangekocht, de lokale timmerman wordt aangesproken om een kippenren en een omheining voor de schapen te maken.

Voor de allerkleinsten zal er babyvoeding aangekocht worden.

We hebben er de nadruk opgelegd dat er zoveel mogelijk locale producten moeten aangekocht worden om de plaatselijke economie te ondersteunen.

Tegen de komst van familie Verdonck in februari 2008 zouden bovenstaande plannen gerealiseerd moeten zijn.

Tijdens ons verblijf in Ghana zullen we kijken voor bedden, dikkere matrassen en muggennetten; momenteel is het niet mogelijk muggennetten te voorzien omdat de kinderen slapen op matrassen op de grond…

Een aantal medicijnen zoals anti-malaria middelen voor kinderen en rijst, suiker, olie enz. moeten ook gekocht worden.

Tijdens dit bezoek zal ook de mogelijkheid onderzocht worden om fruitbomen en ananas te planten. De familie Verdonck betaalt hun reis volledig zelf, de ingezamelde gelden worden integraal gebruikt voor ons hulpproject.

Een bijkomende dringende zaak is dat het weeshuis een leerkracht en een extra helpster nodig heeft, die ze zelf niet kunnen betalen.

Oktober 2007

Het waterproject is afgewerkt sedert 24 oktober 2007, we beschikken momenteel slechts over enkele foto's van de werkzaamheden.

We hopen binnenkort meer foto’s op onze site te kunnen plaatsen van de afgewerkte waterinstallatie.

September 2007

In de laatste dagen dat Lieselot in Ghana was ,deed zij aankopen voor enkele dringende noden zoals voedsel en keukenmateriaal. De kinderen waren opgetogen !

September 2007

Wat zijn onze verdere plannen ?

Dit vergt in de eerste plaats verder overleg met de mensen ter plaatse.

Tina van SYTO komt in november naar België.

We hebben inmiddels via het internet een gelijkaardig project ontdekt. Een Nederlandse vrijwilligster die ook in Ghana was via Syto, in november 1999, heeft een project opgezet voor een weeshuis dicht bij Kumasi (ongeveer 200 km noordelijker in vergelijking met Akwakaa). Dat project loopt blijkbaar tot op vandaag.

We denken hierbij ook aan het structureel verbeteren van de voedselvoorziening, via fruitbomen, moestuin, kippen, geiten. We denken hierbij ook aan muskietennetten als malariapreventie.

Charity, de directrice van het weeshuis wordt een dagje ouder (nu 51 jaar) en kan zelfs met de vrijwilligers niet al het werk alleen aan. Het weeshuis zal een vaste werknemer in dienst goed kunnen gebruiken.

Er moet voorts dringend iets gedaan worden aan het onderwijs. Dit alleen via vrijwilligers oplossen blijkt utopisch. Kinderen van 12 jaar in het weeshuis kunnen niet lezen. Lieselot vertelt dat toen de wateringenieurs met een Toyota in het weeshuis aankwamen, de kinderen de letters op de auto spelden ‘t-o-y-o-t-a’ en ze meenden dan ‘car’ te lezen…

Het is niet onze intentie overhaast te werk te gaan. Eén ding is absoluut zeker. De opbrengst van de actie zal integraal en zonder afhouding van welke kosten dan ook overgemaakt worden aan het weeshuis.

Dat is ons voordeel tegenover de officiële ngo’s die inzamelacties doen (die daarom niet minder lovenswaardig zijn). Wij hebben geen personeels- of andere kosten in België. Alle kosten voor bv. wissel en geldtransfers naar Ghana zullen door de familie worden gedragen.

Giften zijn uiteraard nog steeds welkom. Bedankt !

Lieselot Verdonck
Ingrid Neirinck
Jean Verdonck
Peter Verdonck

Bankrekening project weeshuis : 083-4460886-53